Jeroen Bosch tijdlijn

2016 © Edmond Logger

Van het leven van Joen van Aken, die zijn schilderingen met Jheronimus Bosch ondertekende en die wij Jeroen Bosch zijn gaan noemen, is maar een zeer beperkt aantal feiten bekend. De hieronder vermelde tijdlijn is een zo goed mogelijke inschatting van zijn leven en als ‘biografische’ roman weergegeven in het boek “Het Oordeel van Joen”.

Click op de corresponderende foto en lees meer over deze periode (fragmenten uit het boek Het Oordeel van Joen). In de komende maanden zullen alle tijdsperioden van aanvullende fragmenten worden voorzien.

1453 – Geboorte Joen van Aken (Jan Mosmans noemt 2 oktober, wordt door iedereen betwist, maar is zeer goed mogelijk en er is geen alternatieve datum voorhanden).

Edmond Logger Tijdlijn 1453Geboortehuis staat in de Regenberchserve ( Vughterstraat). De grootouders van Joen zijn van oorsprong afkomstig uit de buurt van Aken en mogelijk verwant met de gebroeders van Limburg. Thomas van Aken, de overgrootvader van Joen, is van oorsprong afkomstig uit de buurt van Aken en mogelijk verwant met de gebroeders van Limburg, de vermaarde Nijmeegse schilders aan het Franse hof gedurende de periode ca. 1400-1416. Overgrootvader Thomas van Aken is mogelijk een broer van de vader van de gebroeders, de houtsnijder Arnold van Limburg, die ook Arnold van Aken werd genoemd (aldus Clemens Verhoeven in “De gebroeders Van Limburg, Leven werk en wereld”, 2005). Grootvader Jan van Aken verhuisde rond 1427 met zijn gezin van Nijmegen naar ‘s-Hertogenbosch.

1462 – Verhuizing van Regenberchserve naar ‘Sint Thoenis’ aan de Markt (nu De Kleine Winst, Markt 29). Joen is leerling van Latijnse school.

Edmond Logger Tijdlijn 1462Het gezin van Thonis (Anthonius) van Aken verhuist naar een stenen huis aan de Markt, waar ook atelier werkzaamheden plaatsvinden. Joen werkt mee in de werkplaats van zijn vader en zijn ooms. Naast het maken van verf en het verrichten van andere klussen probeert Joen tekeningen te maken die een niet direct zichtbare of dubbele betekenis hebben. Zijn oudere broer Goessen mag steeds als eerst achter de betekenis zien te komen.

1463 – Grote stadsbrand in ’s-Hertogenbosch.

Edmond Logger Tijdlijn 1463Joen rent door de straten van de stad en aanschouwt de neergedaalde hel. Op de kruising van de Gorterstraat (nu Lange Putstraat) en de Lange Kolfertstraat, die ook al Verwersstraat werd genoemd, ziet hij de brandhaard. Het vuur vernietigt de huizen, terwijl de inwoners met het water van de Diest (de huidige Dieze) proberen te blussen.

1463-1474 – Joen werkt in de familie werkplaats. Op de Latijnse school (nu Italiaans restaurant, Kerkstraat 77, eigen foto) krijgt hij onderwijs van de broeders van het Gemene Leven.

Edmond Logger Latijnse schoolDe broeders bieden Joen Bijbellessen en onderwijzen hem in onder meer Latijn en filosofie. Soms vermelde hij in zijn tekeningen Latijnse teksten, zoals (vertaald): ‘Het is eigen aan een miserabele geest om altijd uit te gaan van wat al bedacht is en nooit van wat nog bedacht moet worden’. Mogelijk is zijn oorspronkelijkheid op de afkeer van deze ‘miserabele geesten’ gebaseerd. Ook leert hij hier dat de straffen in de hel gerelateerd zijn aan de zonden op aarde. In 1474 leent Joen samen met zijn vader een grote som geld, volgens Dr.Lucas van Dijck mogelijk voor een opleiding/leerlingschap buiten ’s-Hertogenbosch. Vanwege zijn interesse en bekwaamheid in miniatuur tekenen en schilderen is een leerlingschap in Utrecht zeer wel mogelijk en Hillebrant van Rewijk is een vooraanstaand illuminator.

1474-1475 – Joen leert in Utrecht veel van de daar werkzame illuminatoren en zal er sterk door beïnvloed worden. Hij leert hier om in een miniatuur een volledig verhaal te vertellen met zo mogelijk een enkele kwinkslag. Tevens ontmoet hij hier de eerste boekdrukkers en uitgevers.

Edmond Logger IlluminatorenIn Utrecht werkt Joen als leerling voor een aantal illuminatoren. Deze ambachtslieden werkten vaak met elkaar samen en worden aangeduid op basis van hun meest typerende werk of schildering, zoals de Meester van de Inzameling van het Manna, de Meester van (het getijdenboek van) Catharina van Kleef, de Meester van (de Bijbel van) Evert Zoudenbalch en de Meester van de Vederwolken. De foto links toont het werk ‘Genezing van de blinde te Jericho’ van de Meester van de Inzameling van het Manna. Als Joen in Utrecht als leerling werkte, zou hij deze Meester, die in het boek Jacob heet, best wel eens geholpen kunnen hebben. Deskundigen hebben op de ondertekening gesignaleerd dat er sprake is van twee significant verschillende tekenstijlen, waarvan dunne lijnen en weinig detaillering, de tekenstijl van Joen, er een was. De invloeden van deze meesters op het werk van Joen zijn groot. Ook was in Utrecht een van de eerste boekdrukkers werkzaam. Gerard van der Leempt was in latere jaren ook in ’s-Hertogenbosch actief.

1478-1482 –Thonis, de vader van Joen, overlijdt en Joen trouwt met Aleit van de Meervenne. Ze gaan wonen ‘In den Salvatoer’, een huis dat Aleit had geërfd van haar moederskant.

Jeroen Bosch tijdlijn in den SalvatoerIn 1478 overlijdt Anthonius van Aken, de vader van Joen, op circa 58-jarige leeftijd. Of dit er aan bijgedragen heeft is natuurlijk niet bekend, maar niet lang daarna is Joen getrouwd met Aleit van de Meervenne. Aleit is vermoedelijk in 1453 geboren en zal vrijwel even oud zijn geweest als Joen. Ze was de dochter van Goijart van de Meervenne en Postuluna van Arkel en had een zus en een broer. Vader Goijart was niet onbemiddeld en was jarenlang gezworen broeder geweest van de Broederschap. Haar vader Goijart was echter al overleden toen ze zeven was, waarna haar grootvader, Rutger van Arkel, tot aan zijn dood tien jaar lang haar voogd werd. Grootvader Rutger was een vooraanstaand notaris, vele jaren de secretaris van de stad en een ver familielid van Reinier van Arkel, de stichter van een nieuw Gasthuis voor arme zinnelozen en nog steeds een bekende naam in het hedendaagse ‘s-Hertogenbosch. Dr. Lucas van Dijck ontdekte dat broer Goijart in het begin van het huwelijk van Joen en Aleit met een erfeniskwestie voor wat familieperikelen zorgde.

1483-1484 –De stad kan het financieel niet bolwerken. De werkplaats van de Van Akens kent moeilijke tijden, maar Joen en Aleit kunnen bijspringen. Joen ontwikkelt zich en schildert onder meer een Kruisiging (nu bekend als de ‘Calvarie met schenker’, Koninklijke Musea voor Schone Kunsten, Brussel) op basis van een, mogelijk aan zijn grootvader Jan van Aken toe te wijzen, muurschildering in de Sint Jan-kerk.

In maart 148Jeroen Bosch tijdlijn Jan van Aken2 bezwijkt Maria van Bourgondië aan haar verwondingen naar aanleiding van een val van haar paard. Haar Habsburgse man Maximiliaan krijgt dan alle touwtjes in handen en vraagt alle gewesten met regelmaat grote financiële beden voor zijn oorlog met Frankrijk. Na vele beden en een bijzonder strenge winter is Den Bosch niet meer in staat om te betalen. Net als voor alle poorters van de stad moet dit voor de familie Van Aken zware tijden zijn geweest. Joen of zijn broers zijn toch in staat geweest om opdrachtgevers te vinden. Schilderingen als de ‘Calvarie met schenker’ en de ‘Heilige Hiëronymus in gebed’ (nu in Museum voor Schone Kunsten, Gent) zijn mogelijk in deze periode geschilderd.

1483-1486 – Joen schildert onder meer aan een Kruisiging (Calvarie) en heeft veel contact met Alart van Hameel, de loodsmeester van de Sint Jan.

1487 – Joen ontmoet de bijna 18 jarige Erasmus, scholier Latijnse school.

1487 – Joen wordt gewoon lid van de Lieve Vrouwe Broederschap.

1488 – Joen wordt gezworen broeder van de Lieve Vrouwe Broederschap, ‘legt het laken’ en schildert in opdracht de panelen Johannes de Doper en Johannes op Patmos voor het broederschap altaar.

1493 – Joen vertrekt naar Bergen op Zoom om daar voor Heer Jan van Bergen (Jan Metten Lippen) de Heilige Kruis Ommegang processie te schilderen. Hij ontmoet hier opnieuw Erasmus.

1494-1495 – Economische en bestuurlijke crisis in ’s-Hertogenbosch, Joen werkt aan schildering van Aanbidding koningen met vele offerthema’s.

1496 – Joen vertrekt naar Brussel voor een opdracht voor graaf Engelbert van Nassau. Hij ontmoet hier vele Brusselse schilders en werkt aan schildering van onbedorven wereld (‘Tuin der Lusten’).

1497 – Terug in ’s-Hertogenbosch werkt Joen aan drieluik met als thema levenspad en zeven hoofdzonden.

1498 – Joen vertrekt met Aleit naar Milaan op uitnodiging van Ludovico Sforza, de hertog van Milaan. Joen ontmoet hier onder meer Leonardo da Vinci, werkt aan een drieluik en aan een muurschildering in de abdij van Chiaravalle.

1499 – Joen en Aleit vluchten door oorlogsdreiging naar Venetië en Joen werkt voor Domenico Grimani. Joen ontmoet hier vele Venetiaanse schilders waaronder Giorgione. Schildert onder meer kruisiging martelares met tafereel drie brandende schepen.

1502 – Joen en Aleit keren terug in ’s-Hertogenbosch. Joen schildert een Anthonius verzoeking voor Hippoliet De Berthoz, adviseur van hertog Filips.

1504-1506 – Hertog Filips bestelt een Laatste Oordeel bij Joen en neemt deze schildering mee op zijn reis naar Castilië. Hertog Filips overlijdt in Castilië onder verdachte omstandigheden.

1506-1509 – Het aantal opdrachten neemt toe, maar de oorlogsdreiging (met Gelre) ook. Werkplaats van Joen bestaat uit neven van Joen en leerlingen en knechten. Ze werken onder meer aan hebzucht-schildering met hooi als aards bezit. Joen heeft geleidelijk meer voorkeur voor schilderingen met grotere figuren.

1510-1515 – Joen legt het laken voor de Broederschap. De stad ’s-Hertogenbosch bevindt zich binnen gebied dat voortdurend geplunderd wordt. Joen werkt mee aan bijzonder ‘Godsoordeel’ uurwerk in Sint Jan en legt zich toe op schilderingen met grote figuren.

1516 – De stad kent vele gevallen van pleuritis. Joen overlijdt.

# # #


Click here for what's new at JBP


 

Het oordeel van Joen cover

 

Bekijk op bol.com