Tspel vande Cristen kercke (Reynier Pouwelsz.) kort na 1540
[Teksteditie: Gerrit Albertus Brands (ed.), Tspel van de Cristenkercke. A. Oosthoek, Utrecht, 1921 = Cristenkercke ed. 1921]
[Hummelen 1 I 2]
Een spel vande Heijlige kerck (anoniem) XVIB?
[Diplomatische teksteditie: W.N.M. Hüsken, B.A.M. Ramakers en F.A.M. Schaars m.m.v. M.R. Hagendoorn en J.P.G. Heersche (eds.), Trou Moet Blijcken – Deel 3: Boek C – Bronnenuitgave van de boeken der Haarlemse rederijkerskamer ‘de Pellicanisten’. Uitgeverij Quarto, Assen, 1993, ff. 119v-142v/bis = De Heijlige Kerck ed. 1993]
[Hummelen 1 OC 9]
Auteur
De Utrechtse boekbinder en rederijker Reijnier Pouwelsz. [ed. 1921: I-II]. Zijn naam wordt vermeld op het einde van de tekst. Zijn taal is Zuid-Nederlands, vooral West-Vlaams gekleurd: waarschijnlijk was hij afkomstig uit St.-Omer (in het huidige Frans-Vlaanderen) [ed. 1921: LI-LII]. Pouwelsz. schreef het spel om zich wit te wassen tegenover de Utrechtse autoriteiten, nadat hij wegens ketterse overtuigingen op het matje was geroepen [ed. 1921: II].
Genre
Een allegorisch rederijkersspel [ed. 1921: XXXI].
Situering / datering
Cristenkercke (2375 verzen) bleef in handschrift bewaard samen met nog twee andere spelen (Hummelen 1 I 1 en 1 I 3). De codex bevindt zich in de Utrechtse Universiteitbibliotheek (portefeuille nr. 1336) [ed. 1921: I]. Hoogstwaarschijnlijk werd het stuk geschreven kort na 1540 [ed. 1921: XXIII]. Hummelen 1 OC 9 (De Heijlige Kerck) is een paralleltekst die bewaard bleef in Boek C uit het archief van de Haarlemse rederijkerskamer De Pellicanisten.
Inhoud
De maagd Vprecht Simpel Gheloven, die verloofd is met Tminnende Herte (= Christus), wordt – mede door toedoen van de sinnekes Verblende Wille (een koppelares) en Hertnackich Herte – verleid door Selfs Goetduncken (een ridder). Zij kan echter door Scriftuerlijcke Hoede (een herder) nog op tijd terug op het rechte pad gebracht worden, zodat zij genade vindt in de ogen van Tminnende Herte. Zie voor een uitgebreidere samenvatting van de inhoud ed. 1921: III-X.
Thematiek
Overduidelijk stichtelijk-allegorisch. Het spel is bedoeld als katholiek strijdstuk dat gericht is tegen de Hervorming en de ‘ketterse’ protestanten [ed. 1921: I-II, vergelijk ook de verzen 64-69 van de prolooch].
Receptie
Manifest stadsliteratuur. Het betreft hier een rederijkersspel van een Utrechtse rederijker. Verbanden met Utrecht en Haarlem.
Profaan / religieus?
Stichtelijk-religieus. De scènes waarin de sinnekes optreden bevatten wel profane elementen (uitgesproken erotische toespelingen).
[explicit 15 juli 1995]