Jheronimus Bosch Art Center
(+31) (0)73 612 68 90
Datering
Circa 1540 / 1582
Moderne editie
C. Kruyskamp (ed.), "Cornelis Crul - Heynken de Luyere en andere gedichten". Klassieke Galerij - nr. 48, De Nederlandsche Boekhandel, Antwerpen, 1950, pp. 1-44
Taal
Middelnederlands

Een schoone ende gheneuchlicke historie of cluchte van

Heynken de Luyere

(Cornelis Crul) circa 1540 / 1582

[Teksteditie: Lode Baekelmans (ed.), Een schoone ende gheneuchlicke historie of cluchte van Heynken de Luyere. De Sikkel-Em. Querido, Antwerpen-Amsterdam, z.j. (= 1920) = Heynken de Luyere ed. 1920]

[Teksteditie: C. Kruyskamp (ed.), Cornelis Crul – Heynken de Luyere en andere gedichten. Klassieke Galerij – nr. 48, De Nederlandsche Boekhandel, Antwerpen, 1950, pp. 1-44 = Heynken de Luyere ed. 1950]

 

Auteur

 

De Antwerpse rederijker Cornelis Crul (overleden tussen 1538 en 1551).

 

Genre

 

Een volksboek in strofische versvorm (nochtans niet vermeld bij Debaene). De titelpagina spreekt van een historie en een cluchte.

 

Situering / datering

 

Heynken de Luyere verscheen in druk te Antwerpen in 1582 bij Jan van Ghelen (exemplaar: Den Haag, Koninklijke Bibliotheek). Crul schreef de oorspronkelijke tekst wellicht rond 1540 [Knuvelder I 1970: 466, ed. 1950: XI / XIV / XVIII].

 

Inhoud

 

De tekst bestaat uit een voorwoord van de drukker en drie episoden. De hoofdpersoon is een soort Uilenspiegel-figuur die evolueert in het Antwerpse uitgaansleven van de zestiende eeuw en er niet voor terugschrikt zijn stadsgenoten (en dan vooral de geestelijken onder hen) een poets te bakken.

 

Thematiek

 

Volgens de proloog is de tekst in de eerste plaats bedoeld als ontspanning en vervolgens ook als waerschouwinghe: Ten is niet quaet, quaet weten, maer quaet bedrijven. Of deze waarschuwende functie helemaal ernstig moet genomen worden, valt te betwijfelen: daarvoor wordt de hoofdpersoon te sympathiek voorgesteld. Veeleer sluit deze tekst aan bij het kenmerkt van de stedelijke burgermoraal dat door Pleij ‘zelfhandhaving op basis van persoonlijke slimheid’ werd genoemd [Pleij e.a. 1991: 43, waar onder meer naar Heynken de Luyere verwezen wordt].

 

Receptie

 

Stadsliteratuur. Crul was een Antwerpse rederijker. De tekst verscheen in druk te Antwerpen. De hoofdpersoon heeft volgens de titelpagina en de proloog echt in Antwerpen geleefd. Verband met Antwerpen.

 

Profaan / religieus?

 

Manifest profaan.

 

Geraadpleegde literatuur

 

  • Gerard Knuvelder, Handboek tot de geschiedenis der Nederlandse Letterkunde. Deel I, L.C.G. Malmberg, ’s-Hertogenbosch, 1970 (vijfde, geheel herziene druk), p. 466.
  • Herman Pleij e.a., Op belofte van profijt – Stadsliteratuur en burgermoraal in de Nederlandse letterkunde van de middeleeuwen. Nederlandse literatuur en cultuur in de middeleeuwen – deel IV, Prometheus, Amsterdam, 1991, p. 43.

 

[explicit 23 maart 1996 / 18 november 2016]

searchclosebarssort-desc linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram