Jheronimus Bosch Art Center
(+31) (0)73 612 68 90

Bosch's Tabletop of the Seven Deadly Sins and the 'Cordiale Quattuor Novissimorum'

Lane 1985
Lane, Barbara G.
Genre: Non-fictie, kunstgeschiedenis
Uitgave datum: 1985
Bron: William W. Clark (red.), "Tribute to Lotte Brand Philip, art historian and detective", New York, 1985, pp. 89-94

Lane 1985

 

“Bosch’s Tabletop of the Seven Deadly Sins and the Cordiale Quattuor Novissimorum” (Barbara G. Lane) 1985

[in: William W. Clark (red.), Tribute to Lotte Brand Philip, art historian and detective. New York, 1985, pp. 89-94]

 

De vier hoektondo’s op het zogenaamde Tafelblad met de Zeven Hoofdzonden (Madrid, Prado), die respectievelijk de Dood, het Laatste Oordeel, de Hel en de Hemel uitbeelden, worden gewoonlijk als atelierwerk beschouwd en kregen in het verleden weinig iconografische aandacht. Het verband tussen deze tondo’s en het centrale gedeelte van het paneel kan echter verhelderd worden aan de hand van een tot nu toe vrij onbekende, eigentijdse literaire bron, het Cordiale quattuor novissimorum, geschreven tussen 1380 en 1396 door de monnik Gerard van Vliederhoven.

 

Er bestaan nog meer dan 200 Latijnse handschriften van het Cordiale. Nog vóór 1400 werd de tekst in het Nederlands vertaald en de talrijke vijftiende-eeuwse Nederlandse handschriften (waarin de tekst Die vier uterste heet) zijn afgeleid van deze vroege vertaling. Verder zijn er 46 Latijnse drukken van de tekst van vóór 1500 bekend, waarvan er dertien in de Nederlanden ontstonden. De Nederlandse vertaling werd tussen 1477 en 1540 achttien maal gedrukt. Het is dus duidelijk dat in de ontstaansperiode van het Tafelblad het Cordiale in de Nederlanden circuleerde, zowel in de Latijnse als in de Nederlandse versie.

 

De proloog van het Cordiale begint met het bijbelvers Ecclesiasticus 7: 40 : Memorare novissima tua et in (a)eternum non peccabis [denk aan de Laatste Dingen en je zal in eeuwigheid niet zondigen]. Hetzelfde thema komt aan bod op het Tafelblad. De Latijnse versies van het Cordiale eindigen met Deuteronomium 32: 28-29 : Gens absque consilio est, et sine prudentia. Utinam saperent, et intelligerent, ac novissima providerent [want het is een volk zonder overleg en zonder voorzichtigheid; mochten ze wijs zijn, dan zouden ze dit begrijpen en acht slaan op hun einde later]. Hetzelfde bijbelcitaat vinden we terug in een banderol bovenaan het Tafelblad.

 

Dit bewijst niet dat het Cordiale een bron was voor het Tafelblad, maar de parallellen tussen beide werken zijn onmiskenbaar. Het Tafelblad vormt een visuele samenvatting van de inhoud van het Cordiale: de vier hoektondo’s beelden de dingen uit die de mens constant voor ogen dient te houden om de bekoringen te weerstaan die in de centrale cirkel weergegeven worden. Omdat het Deuteronomium-citaat in de Nederlandse versies weggelaten wordt, kan enkel de Latijnse versie een bron voor het Tafelblad geweest zijn. Men kan zich bovendien afvragen of de schilder de hele tekst gelezen heeft: alleen het begin en het einde van de tekst vertonen namelijk een duidelijke overeenkomst met het Tafelblad.

 

Lane publiceert ten slotte ook nog een gravure van Hieronymus Wierix (circa 1585) met De Vier Laatste Dingen. Vier hoektondo’s stellen de Laatste Dingen voor, in het midden zien we de gekruisigde Christus en ook hier worden onder meer de zonet vermelde bijbelverzen geciteerd.

 

Of het Cordiale een inspiratiebron is geweest voor het Tafelblad, is inderdaad moeilijk te bewijzen. De gravure van Wierix lijkt erop te duiden dat het hier in hoge mate gaat om topisch materiaal, dat steeds weer opnieuw aan bod kwam wanneer het erom ging de Laatste Dingen uit te beelden of te beschrijven. Dit aspect zou verder moeten onderzocht worden. Dat het werk van Bosch en het Cordiale eenzelfde geest ademen, is echter onmiskenbaar, en blijkt ook nog uit andere passages (waaraan door Lane hier niet gerefereerd wordt). Of de Deuteronomium-verzen in de Middelnederlandse versies inderdaad weggelaten worden, hebben wij nog niet kunnen nagaan. In de Middelnederduitse versie (editie Dusch 1975, p. 115) worden de verzen in ieder geval wél geciteerd op het einde …

 

[explicit]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

searchclosebarssort-desc linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram