Jheronimus Bosch Art Center

A Last Judgment to Scare the Hell out of You

Schwartz 2020
Schwartz, Gary
Genre: Non-fictie, kunstgeschiedenis
Uitgave datum: 2020
Bron: Julia M. Nauhaus (ed.), "Hieronymus Boschs Weltgerichts-Triptychon in seiner Zeit", Wenen, 2020, pp. 149-167

Schwartz 2020

 

 

“A Last Judgment to Scare the Hell out of You” (Gary Schwartz) 2020

 

[in: Julia M. Nauhaus (red.), Hieronymus Boschs Weltgerichts-Triptychon in seiner Zeit – Publikation zur gleichnamigen internationalen Konferenz vom 21. bis 23. November 2019 in der Gemäldegalerie der Akademie der bildenden Künste Wien. Gemäldegalerie der Akademie der bildende Künste, Wenen, 2020, pp. 149-167]

 

 

Nadat hij twaalf werken uit de Bosch-navolging heeft geïntroduceerd die in verband gebracht kunnen worden met de middeleeuwse Visio Tondali-tekst, focust Schwartz in het eerste deel van zijn essay op een bijdrage van De Bruyn aan de Prado-catalogus van 2016 [De Bruyn 2016a: 77-78], waarin gesteld wordt dat slechts twee details uit het Bosch-oeuvre (de soldaat op een rund op het rechterbinnenluik van de Hooiwagen en de zielen uitscheidende duivel op het rechterbinnenluik van de Tuin der Lusten) in het verleden in verband gebracht werden met deze tekst en dat dit ‘een schrale oogst’ is, omdat er ook de nodige verschillen waar te nemen vallen tussen wat Bosch schilderde en wat de tekst vertelt. Schwartz verwondert zich erover dat De Bruyn blijkbaar een letterlijke overname verwacht en dat ‘De Bruyn implies, there is no need to take serious the similarities that do exist’ [p. 157]. ‘How likely is it,’ vraagt Schwartz even later, ‘that Bosch would have come up with this image [de zielen uitscheidende duivel] without knowing and having been impressed by Tondal’s vision?’ [pp. 161-162].

 

Omdat ikzelf hier betrokken partij ben, sta ik even wat langer stil bij Schwartz’ commentaar. Het woordje ‘implies’ in het zonet gegeven citaat suggerereert dat Schwartz denkt te weten wat ik denk, maar hij denkt verkeerd. Zoals Schwartz de zaken voorstelt, lijkt het erop dat ik van mening ben dat Bosch helemaal geen invloed heeft ondergaan van het Visio Tondali. Quod non. Natuurlijk heeft Bosch het Visio Tondali gekend, het verscheen in 1484 zelfs in druk in zijn eigen stad. Schwartz hoefde trouwens niet te raden naar wat mijn tekst uit 2016 impliceert, want die tekst is op zichzelf expliciet genoeg. Maar ofschoon Schwartz grote stukken van mijn tekst die handelen over de overeenkomsten en de verschillen tussen Bosch en Tondalus’ visioen, letterlijk citeert, gebeurt dat niet met de cruciale alinea die mijn bespreking van het Visio Tondali uit 2016 afsluit, en die ik voor de goede orde hier integraal opnieuw weergeef:

 

Obviously, this observation cannot be taken as a reproach to Bosch, at worst it can be a ‘disappointment’ only for those who are committed to finding unambiguous external sources determining Bosch’s imagery. Instead it should be seen as a clear positive: the fact that Bosch always assimilated and adapted his sources according to his own ideas and imagination confirms “Bosch’s independence as a creative artist and demonstrates the importance of his oeuvre as the synthesis of an epoch”, as Roger Marijnissen concluded in 1987. Bosch was simply too much of a creative spirit literally to copy and imitate what others had invented before him. [De Bruyn 2016a: 78]

 

Staat hier dat Bosch het Visio Tondali niet kende omdat er te veel verschillen zijn tussen wat de tekst zegt en wat de kunstenaar schilderde? I rest my case.

 

In de rest van zijn essay ontwikkelt Schwartz nog twee verdere ideeën. Ten eerste wijst hij erop dat het Visio Tondali een hoopvolle, positieve boodschap brengt: de zondige Tondalus wordt bevrijd van zijn helse visioenen omdat God hem genadig is en zodat hij berouwvol tot inkeer kan komen. Volgens Schwartz bevatten Bosch’ Hel-panelen een soortgelijke thematiek: zij zijn bedoeld als afschrikkingsmiddel, als waarschuwing gericht tot de zondige toeschouwer, met als boodschap dat ook hij kan gered worden (op voorwaarde dat hij berouw toont over vroegere zonden en verder niet meer zondigt). Bosch was dus geen pessimist of misantroop, maar een bezorgde optimist: ‘I propose,’ formuleert Schwartz mooi, ‘that Bosch’s hells are not cruel but an expression of tough love.’

 

Een tweede idee betreft het Weense Laatste Oordeel-drieluik. In de linkerbenedenhoek van het middenpaneel lijken een mannelijke en een vrouwelijke ziel rond een bed niet aangetast te worden door de duivelse kwellingen. Met hun gesloten ogen herinneren zij aan de Adam en Eva op het linkerbinnenluik, en daarom betoogt Schwartz dat wat we op het middenpaneel en het rechterbinnenluik zien een waarschuwend visioen is van de Eindtijd, door God toegestaan aan (de slapende) Adam. De eenzame mannelijke ziel die bovenaan links door een engel gered wordt, zou dan een soort ‘Everyman’ kunnen zijn, een personificatie van alle toeschouwers die Bosch’ boodschap begrepen hebben.

 

Met het eerste idee ben ik het overigens volkomen eens. Het tweede idee lijkt mij een brug te ver.

 

[explicit 5 januari 2023 – Eric De Bruyn]

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

searchclosebarssort-desc linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram