Jheronimus Bosch Art Center
(+31) (0)73 612 68 90

Van Baaren 1987b

De betekenis van de zwaan in het werk van Jeroen Bosch

Van Baaren, Th.P.

Genre: Non-fictie, kunstgeschiedenis

Uitgever: Hollands Maandblad, jg. 29, nr. 479 (oktober 1987), pp. 38-41

Uitgave datum: 1987

 

Van Baaren 1987b

 

“De betekenis van de zwaan in het werk van Jeroen Bosch” (Th.P. van Baaren) 1987

[in: Hollands Maandblad, jg. 29, nr. 479 (oktober 1987), pp. 38-41.]

 

De zwaan komt naar verluidt zes maal voor in het Bosch-oeuvre. Op de Bruiloft te Kana (Rotterdam) vertoont zij een maansikkel die zowel een symbool van Maria als van Venus kon zijn. Dat laatste past hier beter in de context: de zwaan zou dan een symbool zijn van onchristelijke liefdeslust. Op de Antonius-triptiek (Lissabon) is de zwaan een onreine vogel die thuishoort in de sfeer van afgoderij. Op de Aanbidding der Wijzen-triptiek (Madrid), op de Rotterdamse Zwerver-tondo en op het Madrileense Antonius-paneel (een schilderij in de trant van Bosch) staat telkens een zwaan op het uithangbord van een bordeel. Bax wees er al op dat in het Middelnederlands swaentje prostituee kon betekenen. Op het linkerluik van de Tuin der Lusten is de zwaan waarschijnlijk slechts op te vatten als natuurlijke stoffage.

 

De zwaan staat bij Bosch dus praktisch altijd in een negatief daglicht, en dat terwijl de Onze-Lieve-Vrouwe-broederschap, waarvan Bosch lid was, ook ‘Zwanenbroederschap’ werd genoemd. Voelde Bosch zich in dat gezelschap echter wel thuis? Uit de bronnen krijgt men de indruk dat de broederschap Bosch’ artistieke gaven weinig waardeerde. Bosch zou daarom zijn onlustgevoelens hebben afgereageerd door zwanen in een pejoratieve conext te schilderen.

 

(explicit)

 

searchclosebarssort-desc linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram